Abstract
De doorstroom van studenten vanuit vo en mbo naar hbo in Nederland wordt al decennialang gekarakteriseerd door hoge uitvalpercentages, hetgeen resulteert in aanzienlijke persoonlijke en maatschappelijke kosten. Om dit probleem aan te pakken, hebben vele mbo- en hbo-onderwijsinstellingen interventies ontwikkeld die gericht zijn op het bevorderen van de sociale en/of academische integratie van studenten in hun nieuwe opleiding.
In dit artikel worden twee verschillende interventies (Binding en Toegewijde Studiecoaches) beschreven en op hun impact onderzocht. Hiertoe zijn in twee rondes interviews gehouden met betrokken onderwijsprofessionals en is een survey onder studenten afgenomen. Via een systematische uitvraag werden onderwijsleiders bevraagd over het doel en de vormgeving van de interventie, waarna docenten werd gevraagd wat het werkzaam mechanisme en de opbrengst van de interventie waren.
De interventie werd uiteengelegd langs de CIMO-logica: de context (C) waarin de betreffende interventie plaatsvond, de aard van de interventie (I), het onderliggende mechanisme (M) waardoor de interventie effectief zou moeten zijn, en de opbrengst (O) waar de interventie en veronderstelde mechanismen toe zouden moeten leiden.
Hbo-bachelorstudenten die participeerden in de betreffende interventies vulden een online vragenlijst in, gericht op het in kaart brengen van hun waardering voor de interventie, ervaren effecten van de interventie, sociale integratie en academische integratie in de hbo-opleiding, en ervaren ondersteuning vanuit het opleidingsinstituut.
De interventies zijn in de ogen van de studenten effectief in bevordering van hun ervaren sociale integratie, evenals de ervaren institutionele ondersteuning en de ervaren academische integratie in de opleiding. De implicaties voor theorievorming en onderwijspraktijk worden besproken.