Abstract
Competentiegericht onderwijs wint wereldwijd terrein in het hoger onderwijs. In 2016 heeft de Universiteit Maastricht haar bacheloropleiding Biomedische Wetenschappen herzien in lijn met deze ontwikkeling. We hebben een mixed-methods, longitudinaal onderzoek uitgevoerd om na te gaan of deze hervorming het gewenste effect had op de door de studenten ervaren ontwikkeling van hun competenties. Gedurende de drie jaar van hun bacheloropleiding werden twee groepen studenten ondervraagd, die respectievelijk het oude en het herziene curriculum volgden. Daarnaast werden focusgroepen gehouden om meer inzicht te krijgen in de kwantitatieve resultaten. De resultaten laten zien dat studenten uit het herziene curriculum een sterkere ontwikkeling van algemene academische competenties rapporteerden, maar een lagere zelfeffectiviteit ervaarden voor het studeren van Biomedische Wetenschappen in vergelijking met studenten uit het oude curriculum. Uit de focusgroepen bleek dat studenten in het herziene curriculum moeite hadden met het begrijpen van de betekenis van de verschillende competenties, wat een verklaring kan bieden voor de ogenschijnlijk tegenstrijdige bevindingen. Implicaties voor de onderwijspraktijk betreffen het concreet en begrijpelijk maken van competenties, gekalibreerd aan het ontwikkelingsniveau; het consistent implementeren van mentorschap en daarin investeren; studenten voorbereiden op productief worstelen; het eerder en meer structureel integreren van praktijkervaring; vertrouwen op bestaande (onderwijs)structuren; en het in de gaten houden van de ervaren competentie van studenten bij de implementatie van competentiegericht onderwijs.